SciLogs International .com.be.es.de

Waarom bestaan er homo’s?

Door Mark Nelissen, 15 Juni 2012, 20:04

“De lezers zullen denken dat je een homo bent, hoor!” zegt mijn bezorgde vrouw nadat ik haar vertel dat ik een blog ga schrijven over homoseksualiteit. “Weer een!” Ja, weer een, en ik weet dat er nog andere interessante dingen zijn die de aandacht vragen, maar de actualiteit stuwt me in een richting die ik niet zelf kan kiezen. Zoals nieuw onderzoek. Ik moet nu echt nog iets kwijt over deze seksuele geaardheid, en ik kan niet wachten. Het is té belangrijk, vooral voor die duizenden mensen die zich de vraag stellen hoe het evolutionair toch uit te leggen is dat homoseksualiteit – waarbij geen kindjes worden gemaakt, dus geen genen worden doorgegeven – kan blijven bestaan. Hoe vaak is mij die vraag al niet gesteld! “Iets wat de voortplanting tegenwerkt, kan geen succes hebben in de evolutie, en zal meteen verdwijnen. Dus… het is een afwijking!” En telkens opnieuw moet ik dan betogen dat er duidelijke aanwijzingen zijn voor een genetische basis voor homoseksualiteit en dat het een normaal gedragssysteem is naast de voortplantingsseksualiteit. Het is evolutionair gezien al miljoenen jaren oud. “Ja maar, hoe verklaar je dan het behoud van die ‘homogenen’?” Waarop ik steeds moet antwoorden dat we dat nu nog niet weten, maar dat de nabije toekomst ons klaarheid zal brengen. En voilà, we zijn aangekomen in de toekomst, we hebben een antwoord, en ik zal het u met plezier meegeven. Zelfs als ik het gevaar loop nu in een verkeerde kast te worden gestopt. Ik wil met dit stukje ook definitief afrekenen met de fossiele conservatievelingen die de homo-geaardheid als een ziekte bestempelen; ziehier een zoveelste, en hopelijk finale aanwijzing voor de evolutionaire basis van deze geaardheid.

Zonder dat ik u wil vervelen met ingewikkelde theorieën uit de evolutiebiologie en de genetica, wil ik één ding als inleiding meegeven: een gen staat niet altijd in voor slechts één kenmerk. Een gen voor de kleur van de ogen, zorgt voor de kleur van de ogen. Een gen voor een enzym maakt dat enzym. Maar een gen kan soms meerdere effecten hebben. Zo moeten we ons het gen voorstellen dat mee instaat voor de homoseksuele geaardheid bij mannen. We weten al dat dit gen – of wellicht een set van genen – bestaat, daarover heb ik voldoende geschreven en dat moet niet meer worden herhaald. Welnu, steeds meer waarnemingen hebben tot volgende in belang toenemende theorie geleid over de evolutionaire basis van de mannelijke homoseksualiteit, hou u vast: moeders van homo’s hebben meer kinderen dan deze van hetero’s, hetzelfde geldt zelfs voor de zussen van die moeders! Men ziet dus een verband tussen het homo-zijn van een man en het voortplantingssucces (sorry voor deze technische term) van zijn moeder en tantes. Met andere woorden, de genetische basis voor de seksuele geaardheid van homo’s zorgt ook voor een grotere vruchtbaarheid van de vrouwelijke familieleden langs moeders kant.

Een van de betrokken genen ligt op het X-chromosoom. Als een vrouw drager is van dat gen op een van haar twee X-chromosomen, kan de zoon die dat chromosoom meekrijgt, homo worden. Dat is een biologische kostprijs voor de moeder, want hij geeft haar waarschijnlijk geen kleinkinderen. Maar, zij zal meer kinderen baren dan zonder dat gen. Die kinderen moeten niet noodzakelijk dezelfde geaardheid hebben, aangezien meer factoren een rol spelen, ook culturele, of de hormonale blootstelling in de baarmoeder. Maar meer kinderen betekent ook meer verspreiding van het gen.  Ook al zal de homo-zoon wellicht zelf geen kinderen hebben, zijn verwanten verspreiden het homo-gen in de volgende generaties. En zo kan je evolutionair het bestaan van homoseksualiteit verklaren. Geen kindjes maken maar wel je genen laten rondstrooien.

  

Laat me eerlijk zijn, dit is vandaag niet zo nieuw dat ik er mordicus nu mee uit de kast moet komen. Maar nieuw is wel wat die genen precies doen, hoe ze een vrouw een hogere vruchtbaarheid kunnen geven, want dat was nog bijzonder mistig. Recent onderzoek heeft hier nieuw en interessant licht op laten schijnen. Tientallen vrouwen die verwant waren aan ofwel homo-, ofwel heteroseksuelen werden voor zeer veel eigenschappen met elkaar vergeleken. De vrouwen met een homoseksuele zoon of neef blijken meer aantrekkingskracht uit te oefenen op mannen! Ze hebben een reeks eigenschappen die een ideale voortplantingspartner van hen maken en dat is nu precies waarnaar mannen op zoek zijn, ook al weten ze dat niet bewust. Uit het onderzoek bleek dat de vrouwen goede eigenschappen hebben qua gezondheid en vruchtbaarheid, met minder problemen tijdens de zwangerschap, maar ook qua karakter, ze zijn opener en stralen meer geluk en ontspanning uit, en ze zijn gemakkelijker in de omgang. Doordat ze meer mannen aantrekken, kunnen ze kieskeuriger zijn en dus de beste kerels uitzoeken om samen genen te verspreiden. Ook de homo-genen. Probleem opgelost!

Nu ja, opgelost is een groot woord, want er blijven nog veel vragen over. De essentie van de vraagstelling is opgelost, maar bijvoorbeeld niet de vraag naar vrouwelijke homoseksualiteit. Waar komt die vandaan? Hier dringt zich nog meer onderzoek op want de mist rond het lesbianisme is nog dikker. We weten al wel dat ook vrouwelijke homoseksualiteit een genetische component heeft, zoals is aangetoond door onderzoek op tweelingen. Maar ook andere factoren spelen een rol, zoals blootstelling aan mannelijke hormonen op de vrouwelijke foetus in de baarmoeder. Of culturele factoren, die een nog grotere invloed hebben dan bij mannen. Zo kunnen vrouwen gemakkelijker omschakelen van de ene naar de andere geaardheid. Slechte ervaringen met mannen bijvoorbeeld kunnen een vrouw in de armen van een andere vrouw duwen, zeker als ze een genetische aanleg heeft voor lesbianisme. Daardoor komen vrouwen vaak veel later ‘uit de kast’ (eerlijk gezegd vind ik dit een lelijke uitdrukking) dan mannen, bij wie de geaardheid meestal al in de puberteit vastligt. Ook deze zienswijze is al wat ouder, maar is onlangs grondiger bestudeerd.

Hier blijft de vraag open wat de evolutionaire voordelen van deze seksuele plasticiteit bij de vrouw zijn. Nog een flinke kluif voor evolutiebiologen. Het is niet ondenkbaar dat lesbianisme minder evolutionair belang heeft dan mannelijke homoseksualiteit, omdat een lesbische vrouw nog altijd zwanger kan worden. Al dan niet uit eigen keuze. Mannelijke homo’s kunnen ook kinderen verwekken, maar doen dat doorgaans niet. Vrouwelijke homo’s zijn vaak begonnen met een klassiek gezin; als ze later een lesbisch pad bewandelen, is dat waarschijnlijk minder op basis van genen en meer op basis van ervaringen. Maar goed, meer onderzoek is nodig.

Kortom, ook al zijn er nog vragen te beantwoorden, de essentie is duidelijk: homoseksualiteit is biologisch perfect te verklaren, is niet tegenstrijdig met de evolutionaire grondslag, is dus niet abnormaal, geen ziekte… Nu herhaal ik het nooit meer, laat deze zaak nu eindelijk opgelost zijn.

“Oké” zegt mijn vrouw, “maar toch schreef je al veel over homo’s. Zou je die blog niet beginnen met te zeggen dat je getrouwd bent? Dat je zelfs al kleinkinderen hebt? Je weet maar nooit…”

www.ch-darwin.eu 

@MarkNelissen   

 


Online bladwijzers:Voeg deze link toe met uw social bookmark service en deel deze post met anderen
  • Google
  • del.icio.us
  • Msn
  • Facebook
  • Netlog
  • Technorati
  • bligg
  • netjes
  • ekudos
  • nujij
  • connotea
  • Stumbleupon

Reacties

Voeg reactie toe
 authimage

Reacties

  1. R.Geusens En de bi's?
    03.08.2012 | 14:23

    Een vlotte en verstaanbare uitleg omtrent de veel besproken homoparadox.
    Ik blijf wel op mijn honger voor een evolutionaire verklaring van de biseksualiteit. Ook de culturele factoren, even aangeraakt bij het lesbianisme, zouden in deze tijden,waarin de media een positief beeld ophangen van homoseksualiteit, van toenemende invloed kunnen zijn. Hierbij wil ik niet beweren dat iemand plots homo wordt omdat het 'mode' is, maar zou het niet kunnen dat sommigen die aanleunen tegen deze geaardheid hierdoor het gepaste duwtje krijgen?